Nieuws

geplaatst: 08-12-2016

Kabinet schetst route naar CO2-arme energievoorziening

De Energieagenda die vandaag door minister Kamp van Economische Zaken is gepresenteerd, geeft aan hoe in Nederland in 2050 nauwelijks nog CO2 wordt uitgestoten. In de energietransitie stuurt het kabinet op het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen (CO2). Daarbij is het belangrijk dat de investeringen die de komende jaren in Nederland worden gedaan, passen bij een CO2-arme energievoorziening. Op deze manier benutten we de economische kansen die de energietransitie met zich meebrengt.  

Minister Kamp: "De transitie naar een CO2-arme energievoorziening is definitief ingezet, er is geen weg terug. We moeten ons realiseren dat de omschakeling naar een CO2-arme economie grote investeringen vereist. Het kabinet zet in op beleid waarmee de energietransitie kosteneffectief gemaakt kan worden. De kostenbesparing die gemaakt is bij wind op zee heeft al laten zien dat dit mogelijk is."

In 2013 is met 47 partijen het Energieakkoord gesloten. Deze afspraken lopen tot 2023. "Met de Energieagenda beschrijven we het einddoel dat we moeten bereiken in 2050 en de route daarnaartoe. Bedrijven en lokale overheden hebben zekerheid nodig zodat zij hun plannen erop kunnen afstemmen. Volgende kabinetten zullen nog veel moeten uitwerken, maar wij leggen het fundament waarmee zij straks verder kunnen werken", aldus de minister.

Geleidelijke en tijdige overgang
Nederland heeft zich gecommitteerd aan de afspraken van het klimaatakkoord van Parijs.  Dat betekent een drastische beperking van de CO2-uitstoot naar bijna 0 in 2050. "Als we de ontwikkeling in de periode 2013 en 2023 doorzetten, groeien we in een geleidelijk tempo toe naar een CO2-arme economie in 2050. Dan behalen we het maximale rendement uit de noodzakelijke investeringen en krijgt ons innovatieve bedrijfsleven de beste kansen op de Europese- en wereldmarkt", licht minister Kamp toe.

Energiebesparing, minder aardgasgebruik en meer investeringen in hernieuwbare energie
Het kabinet zet in op het terugbrengen van de energievraag door middel van energiebesparing en het terugdringen van het gebruik van aardgas door het stimuleren van duurzaam opgewekte elektriciteit en duurzame warmte. Een breed pakket aan maatregelen wordt ingezet om dit te bereiken. Zo wordt gekeken hoe we verwarming van woningen, gebouwen en tuinbouwkassen kunnen verduurzamen. Nu nog wordt 30 % van de gebruikte energie in Nederland hiervoor gebruikt Een belangrijke besparing is bijvoorbeeld te behalen door het laten vervallen van de wettelijke verplichting voor aansluiting van huizen en gebouwen op het gasnetwerk. Ook worden er niet meer automatisch nieuwe gasnetten aangelegd voor nieuwbouwwijken. En ook de bron van energie gaan we verder verduurzamen: stroomopwekking van windmolens op zee is succesvol en zal de komende jaren verder worden uitgebreid, ook met windparken die verder uit de kust liggen.

Routekaart na 2023
Het aantal volledig elektrische auto's en auto's op waterstof zal verder toenemen en  het is de ambitie vanaf 2035 alleen duurzame auto’s in Nederland te verkopen. De spoorsector zal volledig overschakelen op groene stroom. Vanaf 2025 maken nieuwe OV-bussen gebruik van hernieuwbare energie of biobrandstof. Om het fietsen aantrekkelijker te maken komen er meer veilige fietsverbindingen en een extra impuls voor fietsenstallingen in steden. Het wegtransport zal moeten overschakelen van fossiele naar biobrandstoffen en zuinigere  motoren. Ook de luchtvaart zal moeten overgaan op CO2-arme brandstoffen en zal efficiënter moeten vliegen. Daarnaast blijft de overheid de  energiebesparing door de industrie krachtig stimuleren. Productieprocessen moeten veranderen zodat er minder CO2 wordt uitgestoten. De CO2 die toch nog wordt geproduceerd kan worden opgeslagen in lege aardgasvelden in de Noordzee.  

Verantwoordelijkheid van iedereen
Minister Kamp: "Er is een goede start gemaakt, maar er liggen nog grote uitdagingen voor ons. De energietransitie is alleen te realiseren als burgers, bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en alle overheden hieraan bijdragen en samenwerken. Het kabinet vindt het belangrijk om met de partijen in gesprek te blijven en, net zoals bij het Energieakkoord, afspraken te maken over de invulling van de transitie naar een CO2-arme economie en samenleving."

Burgers kunnen volop meedoen
Voor consumenten die zelf energie opwekken wordt het aantrekkelijker de energie op te slaan en te verkopen op momenten dat de vraag naar energie groot is. Opslag maakt het ook mogelijk de energie te gebruiken op het moment dat de consument zelf nodig heeft, bijvoorbeeld in de avonduren.

Betaalbaar voor burgers en bedrijven
Er bestaan verschillende berekeningen over de kosten die gemoeid zijn met de energietransitie. Vanwege de grote verschillen hiertussen is uitgebreider onderzoek noodzakelijk. Daarbij zal ook gekeken worden naar de mogelijkheden voor financiering van de benodigde investeringen.

De eerste uitkomsten daarvan worden medio 2017 verwacht. Uitgangspunt is dat de energietransitie betaalbaar blijft voor burgers en bedrijven.

 

Nieuws

geplaatst: 08-12-2016

Uitvoeringsprogramma Levendig Centrum vastgesteld

Het afgelopen jaar is er veel gebeurd aan het maken van plannen voor het centrum van Ede. Vandaag is het uitvoeringsprogramma Levendig Centrum vastgesteld. Het uitvoeringsprogramma geeft inzicht in welke projecten er de komende jaren worden opgepakt en welk beleid wordt ontwikkeld, om zo de koers naar 2030 vorm te geven.

Samen met ondernemers en inwoners stelde de gemeente 'het verhaal van Ede-centrum' op; een koers om het centrum van Ede te laten uitgroeien tot een prettige verblijfsomgeving, waar functies als winkelen, recreëren, ondernemen en ontmoeten samen komen. Dit alles om het centrum economisch en maatschappelijk toekomstbestendig te maken, meldt de gemeente.

In het uitvoeringsprogramma zijn projecten en is beleid opgenomen om te bouwen aan deze toekomst. Wethouder Johan Weijland: 'Wat we nu hebben vastgesteld zijn concrete maatregelen. Een aantal hiervan loopt al. Denk bijvoorbeeld aan de prijsvraag voor de herinrichting van de Markt. Andere zaken ronden we net af: deze week is bijvoorbeeld het straatwerk aan de Doelenstraat afgerond. Groen en straatmeubilair worden de komende tijd aangebracht.' Het uitvoeringsprogramma bestaat uit uiteenlopende maatregelen. Van een nieuw bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan tot een visie op het beheer van de openbare ruimte in het centrum en het opzetten van een 'centrumbeheerorganisatie'. Van plannen hoe om te gaan met fietsen en fietsparkeren tot de inrichting van terrassen.

Allerlei vragen voor het centrum moeten de komende jaren beantwoord worden, of beleid op gemaakt worden. Een traject dat de gemeente samen met bewoners, ondernemers, ontwikkelaars en investeerders van het centrum in is gegaan. Wethouder Weijland: 'De betrokkenheid van partijen is van groot belang voor het slagen van de plannen voor een levendig centrum. Het is zeker geen zaak die de gemeente alleen op kan en wil pakken. Succes hangt écht af van de mate van participatie en medefinanciering. En ik zeg er meteen bij dat ik daar veel vertrouwen in heb.'

Bron: Edestad.nl

Nieuws

geplaatst: 05-12-2016

Hans de Boer: 'Fors investeren in eigen land goed voor economie'

We kunnen Nederland vooruit helpen door fors in eigen land te investeren', dat zegt VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer. Hij verwijst daarbij naar het plan NL Next Level dat de ondernemingsorganisaties VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland deze zomer hebben gepresenteerd. Ook wijst De Boer op de reactie van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) op de investeringsplannen van de aankomende Amerikaanse president Donald Trump. Zijn plannen op het gebied van infrastructuur en belastingen helpen de economie vooruit, zowel in Amerika als wereldwijd, concludeerde de OESO deze week. VNO-NCW pleit al langer voor nieuwe investeringen onder de noemer NL Next Level. 

Voorwaartse energie
"Nederland heeft een goede uitgangspositie en de positieve reactie van de OESO op de investeringsplannen van Trump laat zien dat investeren inderdaad nieuw perspectief kan bieden aan velen", stelt De Boer. "Wij willen met onze campagne NL Next Level voorwaartse energie brengen en mensen houvast bieden. Niet door in het 'gevlei te komen' met sympathiek klinkende reparatiemaatregelen die de overheid heel veel geld kosten. Maar door nieuwe investeringen in ons land. Investeringen waardoor we gaan naar een situatie van volledige werkgelegenheid en kansen voor iedereen."

Concrete projecten
Door een extra financiële impuls op de rijksbegroting van circa 7,5 miljard euro per jaar kunnen noodzakelijke publieke investeringen worden gefinancierd en kunnen private investeringen worden losgetrokken via een speciaal Investeringsfonds, stelt de VNO-NCW-voorzitter. Dit kan oplopen tot private investeringen van meer dan 100 miljard. Daarbij gaat het om concrete projecten als de aanleg van nieuwe energiesystemen, terugkeer van de industrie door 3D-printen en grootscheepse isolatie. "Daarbij hoort ook een omvangrijke sociale agenda waar we momenteel binnen de SER met de sociale partners aan werken', stelt de voorzitter van VNO-NCW. De Boer wijst erop dat veel van Trumps plannen nog verder moeten worden uitgewerkt de komende tijd. 'NL Next Level bevat al een concrete en onderbouwde investeringsagenda."

Nieuws

geplaatst: 02-12-2016

Parasitaire planten zorgen in Afrika in rijst voor grote economische schade en lagere voedselopbrengsten

Parasitaire planten, planten die een andere plant binnendringen en zo ten koste van de andere plant groeien, zorgen in de Afrikaanse rijstteelt dit jaar voor een schade van ongeveer 200 miljoen dollar en 15 miljoen maaltijden per dag. Als er geen effectieve maatregelen tegen de parasieten ontwikkeld en toegepast worden, zal de schade komende jaren oplopen met zo’n 30 miljoen per jaar. Dat blijkt uit onderzoek van een team van wetenschappers van het onderzoekinstituut Africa Rice, het ‘International Rice Research Institute’ en Wageningen University & Research.

Ze zijn vaak bedrieglijk mooi, de parasitaire planten die vooral in arme landen voedselgewassen zoals sorghum, mais en rijst belagen. In werkelijkheid zijn de planten voor Afrikaanse boeren een soort van monsters, omdat ze heel veel voedingsstoffen uit de planten halen, waardoor de opbrengst van belangrijke voedselgewassen met wel 70% verminderd wordt. De boeren halen daardoor te weinig van het land om er een goed inkomen van te kunnen krijgen. Soms zelfs te weinig om de familie van voldoende voedsel te kunnen voorzien.

Rijst: Afrikaans fastfood
Rijst is in Afrika de laatste jaren een steeds belangrijker voedingsgewas geworden. Dat komt vooral doordat rijst in de keuken makkelijker en veel sneller klaar te maken is dan bijvoorbeeld sorghum. Net als in de rest van de wereld trekken er in Afrika heel veel mensen naar de grote steden. Die mensen gaan dan vaak over naar het eten van relatieve ‘fast’ food, zoals rijst.

Met de toename van het belang van rijst in Afrika nemen in de rijstteelt de problemen met parasitaire planten snel toe. Door de grote vraag naar rijst verbouwen de vaak vrouwelijke boeren hun rijst op plaatsen waar voorheen geen rijst stond. Het gaat dan vaak om slechtere gronden die af en toe onder water komen te staan, waar ook nog eens zaden van parasitaire planten in zitten.

“En dan verergert de situatie snel”, aldus Lammert Bastiaans, internationaal expert onkruidbeheer bij Wageningen University & Research. “Doordat de parasitaire planten zo goed op de geteelde rijst floreren, kunnen ze zich enorm vermeerderen én verspreiden. Dat zorgt ervoor dat de problemen steeds groter worden op de gronden die nu al met parasitaire planten besmet zijn. En dat is niet alles. De parasitaire planten verspreiden zich nu ook naar akkers waar de planten eerst nog niet voor kwamen.”

Schade in kaart gebracht
Bastiaans en zijn collega’s hebben voor het eerst in kaart gebracht wat de economische schade is van parasitaire planten in de Afrikaanse rijstteelt. Dankzij herbarium-collecties waren de onderzoekers in staat om goed in kaart te brengen waar de parasitaire planten voorkomen, hoe dit overlapt met regio’s met niet-geïrrigeerde rijstteelt en hoe dit gebied zich ontwikkelt. Met behulp van computermodellen konden ze die kennis vertalen naar economische getallen.

Uit het onderzoek blijkt dat zo’n 1.300.000 hectare niet-geïrrigeerde rijst besmet is met parasitaire planten. In de hooglanden gaat het om drie soorten Striga-planten, in laaglanden zijn het Rhamphicarpa-planten die de rijstopbrengsten bedreigen. 

Op basis van de resultaten van computermodellen en de herbarium-gegevens komen de onderzoekers voor dit jaar op een economische schade van ongeveer 200 miljoen dollar. Dit getal komt overeen met 500.000 ton rijst per jaar of ruwweg 15 miljoen maaltijden per dag. Als er geen maatregelen worden genomen zal die schade de komende jaren met zo’n 30 miljoen per jaar toenemen. Ter vergelijking: Nederland geeft per jaar zo’n 100 miljoen dollar aan het World Food Programme van de VN.

Bastiaans: “De impact van de parasitaire planten is dus enorm. Daarom doen we ook onderzoek naar maatregelen die de problemen met parasitaire planten effectief kunnen verminderen. De nieuwe kennis over de verspreiding en de economische impact van de parasitaire planten onderstreept weer eens het belang van dat onderzoek.” 

Nieuws

geplaatst: 02-12-2016

Werkgevers, wetenschappers en beleidsmakers buigen zich over de Arbeidsmarkt van Morgen

Prominenten uit de overheid, politiek, wetenschap en het bedrijfsleven buigen zich vrijdag 2 december in Delft over de inrichting van de arbeidsmarkt in Nederland. Hoe kan die beter? Welke veranderingen zijn nodig om klaar te zijn voor de toekomst? Met welke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden?
 
Na een succesvol congres in april organiseert branchevereniging NBBU in samenwerking met de Nyenrode Business Universiteit een boeiende dag en dialoog over de Arbeidsmarkt van Morgen. Drie wetenschappers hebben een paper geschreven en houden presentaties die als uitgangspunt zullen dienen voor wat een levendige discussie moet worden. Het doel is samen tot een nieuwe inrichting van de arbeidsmarkt te komen. Met the whole system in one room zijn de verwachtingen hoog.
 
Uitdagingen
Op de conferentie zet Bob de Wit, hoogleraar Strategisch Leiderschap aan Nyenrode, uiteen welke uitdagingen de toenemende digitalisering heeft voor de arbeidsmarkt. “Wat zal digitalisering precies brengen en welke concrete maatregelen moeten worden genomen? Het NBBU-congres biedt aan de impact van digitalisering te ontdekken om samen tot oplossingen te komen die een toekomst in de arbeidsmarkt kan garanderen.”
 
Hoogleraar aan de Universiteit van Utrecht Victor van Kommer voert de aanwezigen mee langs de kenmerken van de nieuwe economie en schetst de contouren van een nieuw fiscaal stelsel dat een antwoord kan formuleren op de vragen van een flexibele arbeidsmarkt.
 
Kansen
Dr. Aukje Nauta van Factor Vijf wijst op de voordelen die duurzame inzetbaarheid als businessmodel kan hebben voor organisaties. Futuroloog Barbara van Veen bespreekt welke gevolgen nieuwe technologie heeft voor hoe we werken, wie er werken en welke taken we zelf nog doen.
 
De genodigden nemen deel aan een discussieronde naar aanleiding van de referaten van de genoemde wetenschappers en worden uitgedaagd met creatieve oplossingen voor een toekomstbestendige arbeidsmarkt te komen. Gezamenlijk wordt vervolgens het net opgehaald om de vangst van de dag te wegen.
 
NBBU
“De opkomst uit wetenschap, overheid en bedrijfsleven doet ons goed. Je merkt dat er een duidelijke wens en wil is om samen tot een wendbare en sociaal rechtvaardige arbeidsmarkt te komen. Dat is belangrijk, want de arbeidsmarkt van morgen begint namelijk al vandaag”, aldus NBBU-directeur Marco Bastian.
 
De Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen, de NBBU, is dé brancheorganisatie van professionele intermediairs op de arbeidsmarkt, met name in het MKB.  We behartigen de belangen van 1100 dienstverleners in de flexbranche: waaronder zzp-bemiddelaars, uitzendbureaus, payroll-ondernemingen en andere intermediairs. Een NBBU-onderneming voldoet aan de hoogste kwaliteitseisen.
 
 

Business ontmoet business

geplaatst: 30-11-2016

Eindejaarsbijeenkomst 'Omgaan met druk' - presentatie Ed Janssen

Op woensdag 21 december vindt de laaste Business Ontmoet Business Midden Nederland bijeenkomst plaats bij Landgoed Zonheuvel in Doorn (in het Maarten Maartenshuis). Tijdens deze bijeenkomst zal KNVB-scheidsrechter Ed Janssen een presentatie geven over vernieuwing in arbitrage en hoe je het beste om kan gaan met druk. In 2003 floot Janssen zijn eerste wedstrijd in het Nederlands betaald voetbal; de wedstrijd Cambuur tegen Excelsior in de Eerste divisie. In 2005 maakte hij zijn debuut in de Eredivisie, in een wedstrijd tussen N.E.C. en RBC Roosendaal. Hij is tevens regelmatig actief als 4de, 5de of 6de official bij Champions League en Europa League wedstrijden.

Wat mag u van deze bijeenkomst verwachten? Uiteraard een welkomstdrankje, een diner en natuurlijk de uitgebreide gelegenheid om te netwerken.
 
Programma
17.30 - Ontvangst met welkomstdrankje en hapje
18.00 - Welkomstwoord
18.10 - Presentatie Ed Janssen
18.45 - Aanvang diner en gelegenheid tot netwerken
21.00 - Einde bijeenkomst 

Aanmelden 
Business Ontmoet Business-leden van Rivierenland Business kunnen zichzelf aanmelden via bobmiddennederland.nl. Ook introducés van leden zijn van harte welkom en mogen eenmalig gratis de sfeer komen proeven. Zij kunnen zich inschrijven via bobmiddennederland.nl en zich aanmelden voor de betreffende bijeenkomst. U kunt eventueel ook een mail met uw NAW-gegevens sturen naar bob-borrel@vanmunstermedia.nl. Andere belangstellenden betalen eenmalig 25 euro.

Speciale kerstactie
Omdat de feestdagen naderen, hebben wij voor onze Business Ontmoet Business leden een speciale actie. Stuur vóór maandag 19 december uw nieuwjaarsgroet (maximaal 150 woorden) naar jessica@vanmunstermedia.nl en dan zorgen wij dat deze gratis wordt geplaatst in editie 6 van Vallei Business! 

Tip
Heeft u nog leuke goodies om de deelnemers cadeau te doen? Stuur deze dan vóór woensdag 16 december a.s. naar Marie-Louise van Heeckeren, Kerkenbos 12-24A, 6546 BE Nijmegen.

Tot ziens op 21 december bij Landgoed Zonheuvel! 

Nieuws

geplaatst: 25-11-2016

Een vijfde Europese werkzoekenden vond werk in tweede kwartaal


Een op de vijf werkzoekenden binnen de grenzen van de Europese Unie vond in het tweede kwartaal van dit jaar werk.Dat blijkt uit cijfers van Europees statistiekbureau Eurostat, die vrijdag werden gepubliceerd. In Nederland slaagde ruim een kwart van de werkzoekenden in hun missie.

Aan het einde van het eerste kwartaal zochten krap twintig miljoen Europeanen een baan. Waar bijna vier miljoen van hen slaagden in die zoektocht, gooiden 3,5 miljoen mensen definitief de handdoek in de ring.

Zij gaven om uiteenlopende redenen de zoektocht naar een baan op. Anderzijds betraden 3,6 miljoen mensen, die niet te boek stonden als werkzoekenden, met succes de arbeidsmarkt.

Verder bleek dat twee miljoen werknemers in de EU in het tweede kwartaal hun baan verloren. Dat komt neer op 1,2 procent van het totale aantal werkenden. Daarbij stopten circa 2,7 miljoen mensen met werken zonder op zoek te gaan naar een nieuwe baan.

Bron: ANP / Nu.nl

Nieuws

geplaatst: 25-11-2016

Hoe beïnvloedbaar ben jij? Ontdek het tijdens de WURtalk in Cinemec

Bedrijven, organisaties en individuen proberen ons gedrag te beïnvloeden. Denk maar eens aan de supermarkt waar we worden verleid tot het kopen van allerlei lekkers. Of aan een campagne van een gezondheidsorganisatie die je wil aanzetten tot stoppen met roken. Wie het gedrag van mensen wil veranderen, zal ontdekken dat het in de praktijk helemaal niet zo eenvoudig is. Hoe krijg je inzicht in gedrag? Wat zijn de beste wegen om gedragsverandering te bereiken? Hoe weersta je verleidingen en welke invloed heeft je omgeving? Reint Jan Renes – auteur van ‘Draaiboek gedragsverandering’ – en Emely de Vet – genomineerd voor VIVA400 – zullen al deze vragen over gedrag beantwoorden in de WURtalk in Cinemec op 28 november.
 
Wat is een WURtalk?
WURtalks zijn lezingenavonden waarbij goede verhalenvertellers van Wageningen University & Research inspirerende lezingen geven voor iedereen die dat interessant vindt. Niet alleen studenten en medewerkers van Wageningen zijn welkom, ook professionals uit de gezondheidsvoorlichting en preventie, managers of leidinggevenden van bedrijven en voorlichters bij dienstverlenende instellingen. en iedereen met interesse in de sociale psychologie. De avond wordt afgesloten met een dialoog tussen de bezoekers en de wetenschappers. Tickets zijn te verkrijgen via www.wur.nl/wurtalks   en via Cinemec Ede.  Kosten €4.50 inclusief 1 drankje.
 
Reint Jan Renes
Reint Jan Renes geeft sinds 2011 leiding aan een onderzoeksgroep bij de Hogeschool Utrecht en is daarnaast universitair hoofddocent strategische communicatie aan Wageningen University & Research. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar (gezondheids)communicatie en gedragsverandering. Zijn onderzoek omvat onder andere kwantitatieve en kwalitatieve studies naar determinanten van effectieve communicatie, theoriegebruik binnen Nederlandse leefstijl campagnes, de werking en effectiviteit van gedragsgerichte interventies en de acceptatie van voedselinnovaties door consumenten.
Samen met zijn promovendus Sander Hermsen schreef Renes het boek ‘Draaiboek gedragsverandering’. In hun boek introduceren ze vijf lenzen waarmee je scherp zicht krijgt op het te veranderen gedrag en de beste wegen om gedragsverandering te bereiken.
 
Emely de Vet
Prof. Dr. Emely De Vet richt zich in haar onderzoek op (on)gezonde leefstijl. Een ongezonde leefstijl verhoogt de kans op allerlei aandoeningen, zoals hart- en vaatziekten, obesitas en suikerziekte. Maar ongezond gedrag is niet gemakkelijk te veranderen. Veel mensen proberen af te vallen, gezonder te eten of meer te bewegen, maar vallen al snel terug in oude gewoontes.

Vanuit de gezondheids- en gedragswetenschappen zoekt prof. De Vet naar oplossingen om een gezonde leefstijl beter vol te
houden. Begin dit jaar werd zij op 37-jarige leeftijd benoemd tot persoonlijk hoogleraar Gezondheidscommunicatie en gedragsverandering aan Wageningen University & Research. Voor haar onderzoek naar verleiding en gedragsverandering ontving zij verschillende prestigieuze en competitieve onderzoeksbeurzen. In oktober werd zij genomineerd voor de VIVA400, een initiatief van het tijdschrift Viva waarin de beste vierhonderd ondernemende en inspirerende vrouwen worden genoemd.
 
Programma WURtalk 28 november:
19.30 Opening
19.40 Dr. Reint Jan Renes - Kun je gedrag van anderen veranderen?
20.20 Prof. Dr. Emely de Vet - Hoe kunnen we verleidingen weerstaan?
21.00 Borrel en dialoog
 

 

Nieuws

geplaatst: 22-11-2016

Pragmatisch adviesmodel dicht kloof tussen MKB’er en hoogopgeleide professional

Terwijl Nederland bijna de hoogst opgeleide beroepsbevolking ter wereld heeft bestaat er grote huiver bij MKB’ers om gebruik te maken van de kennis en kunde van adviseurs. "Dit is een gemiste kans", zegt Arjan Yspeert, schrijver van het deze maand bij Uitgeverij Haystack uitgekomen boek “De vrije adviseur”.
 
"De reden dat MKB’ers relatief weinig gebruik maken van adviseurs is dat het hen ontbreekt aan houvast over kosten en opbrengsten. En dat terwijl er meer dan genoeg specialisten zijn die geweldige dingen kunnen doen voor kleine en middelgrote bedrijven. De categorie maakt dan niet eens zo veel uit. Dat kan marketing zijn, zoals ik zelf doe, maar ook finance, hrm, ict, inkoop en vele andere specialismen."
 
Solo adviseurs werken hard maar verdienen weinig
Andersom hebben veel zzp’ers en freelance adviseurs moeite om het hoofd boven water te houden. Grote bedrijven zetten hoogopgeleide stafmedewerkers met duizenden buiten de deur. Daarbij wordt de optie om voor eigen rekening adviseur te worden meestal wel behandeld tijdens de outplacement, maar dit trekt maar een kleine groep durfals aan. Die zien (zelfs ervaren) solo adviseurs worstelen met hun klanten en projecten en vragen zich af of zij ooit in staat zullen zijn om een stabiele adviespraktijk op te bouwen.
 
"De kwestie waar veel startende adviseurs over struikelen is hun onervarenheid in het aangaan van winstgevende adviesrelaties. De meesten kiezen voor het verkopen van hun expertise per tijdseenheid, vaak een uurtarief, waardoor bij MKB’ers meteen alle alarmbellen afgaan. Want hoe kunnen die ooit inschatten of de kosten en opbrengsten van het adviestraject billijk zijn? Zo komen veel trajecten -waarvan beide partijen zouden kunnen profiteren- niet verder dan een vriendelijk gesprek waarna klant en adviseur weer ieder huns weegs gaan. En doordat MKB bedrijven niet beschikken over de budgetten van overheden, instellingen en grote bedrijven worden ze in ieder geval niet geholpen door de bekende adviesorganisaties."
 
MKB'er en adviseur zijn natuurlijke partners
Yspeert betoogt in zijn boek dat juist MKB’ers en freelance adviseurs elkaars natuurlijke partner kunnen zijn, als er eerst een paar slimme werkafspraken gemaakt worden. "Het begint er mee dat de kwestie van afrekenen van te voren wordt afgehandeld, en dat je langere tijd met elkaar gaat samenwerken. Je spreekt af om 12 maanden te werken aan het verbeteren van het bedrijf op een bepaald terrein, bijvoorbeeld personeelsmanagement. En je komt een vast maandbedrag overeen. Dat is voor beide partijen erg interessant en haalt meteen de stress uit de onderhandeling. We kunnen het nu gaan hebben over de doelstellingen en de inhoud van het project. Het maakt de ondernemer vanaf dit punt niet meer uit wat je uurtarief is, en hoeveel tijd het je kost want zijn kosten en opbrengsten zijn voor hem of haar duidelijk."
 
Ook voor de adviseur ontstaat door deze afspraken een interessante situatie. Hij of zij krijgt elke maand een stabiele kasstroom en er hoeft geen urenverantwoording meer te worden gegeven. Yspeert: "Tenslotte wordt er samen gewerkt aan een bepaalde uitkomst en of dat nu in 5 of 10 uur per week gebeurt boeit de klant niet meer. De adviseur doet ondertussen in alle rust zijn goede werk en als hij extra efficiënt is dan is hij ook degene die daarvan profiteert. Want het doel bereiken kost dan gewoon minder tijd. Zo kan een hrm adviseur bijvoorbeeld een eenmaal ontwikkelde training voor functioneringsgesprekken vaker inzetten."
 
Het stapelen van abonnementen genereert een stabiel inkomen
Nu kun je van 1 klant voor een maandtarief van circa €1.000 niet leven, maar doordat je zelf je tijd indeelt kun je er meerdere tegelijk bedienen. "En dan begint het stapelen van abonnementen. Als je vier of vijf klanten bedient genereer je al een aantrekkelijk én stabiel inkomen. Ook in de vakanties waar adviseurs die per uur factureren altijd een enorme dip hebben."
 
Voor de opdrachtgever is dit een perfect passende oplossing. Hij krijgt de expertise die hij nodig heeft om zijn business op een hoger niveau te tillen zonder dat hij een dure kracht op de loonlijst moet zetten. Yspeert: ‘Een beetje hoog opgeleide medewerker kost zó een duizend of 5 per maand. Nu krijgt hij ‘the next best thing’ voor een fractie daarvan.’
 
De op deze manier herwonnen vrijheid in tijd en inkomen brengt een prettige work-life balans voor de adviseur binnen handbereik. En hij kan zich onafhankelijker opstellen naar de opdrachtgever wat de kwaliteit van de adviezen ten goede komt.
De opdrachtgever kan op zijn beurt die kwaliteit in huis halen tegen beperkte kosten en op duidelijke voorwaarden.
 
Dat de twee partijen zich daarna kunnen richten op het bereiken van de doelen in het project, zonder afgeleid te worden door voortdurende onderhandelingen, uren-registratie en administratieve controles, maakt de kans op succes navenant groter.
 
Website: www.devrijeadviseur.nl

Nieuws

geplaatst: 21-11-2016

Ede heeft eerste Gezonde Campus van Nederland

De onderwijsinstellingen van de Kenniscampus Ede hadden op woensdag 16 november een feestelijk VIP-ontbijt met o.a. wethouder Johan Weijland. De scholen vierden dat alle schoolkantines op de campus voldoen aan de richtlijnen van het Voedingscentrum, goed voor o.a. het behalen van de Gezonde Schoolkantine Schaal 2016.  
 
 “Welkom op de eerste gezonde campus van Nederland”. Zo luidt de tekst op het welkomstbord dat wethouder Weijland namens de gemeente Ede aanbood aan de Kenniscampus. De scholen op de campus hebben intensief met elkaar samengewerkt en zijn erin geslaagd om alle schoolkantines te laten voldoen aan de richtlijnen van het Voedingscentrum. Het Streek, Groenhorst en ROC A12 hebben hiermee de Gezonde Schoolkantine Schaal 2016 behaald. Bovendien zijn ROC A12 en Het Streek gecertificeerd met het themacertificaat Voeding van het vignet Gezonde School. De CHE kan als hbo-instelling geen Schoolkantine Schaal of certificaat behalen, maar voldoet aan dezelfde richtlijnen en biedt zodoende een gezonde schoolkantine.
 
“Naast gezonde schoolkantines hebben wij ook aandacht voor gezonde voeding binnen het onderwijsprogramma. Dat vinden we belangrijk, omdat een gezonde leefstijl een significant verschil maakt in de basis voor verdere ontwikkeling van studenten en leerlingen. Door deze resultaten en wat we met het Sportknooppunt al hebben bereikt rondom sport & bewegen, mag de Kenniscampus zich de eerste gezonde campus van Nederland noemen”, aldus Sebastiaan Kuijper, projectleider Gezonde School.