Nieuws

geplaatst: 29-09-2016

‘Perspectief arbeidsmarkt hoort ook bij loopbaanbegeleiding’

MKB-Nederland juicht het toe dat het kabinet extra geld uittrekt voor een betere loopbaanbegeleiding van middelbare scholieren. Te vaak stoppen jongeren nu vroegtijdig met hun studie omdat ze de verkeerde keuze hebben gemaakt. De organisatie mist in het plan echter aandacht voor het arbeidsmarktperspectief.

Minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker (Onderwijs) willen met betere loopbaanbegeleiding zorgen voor een betere doorstroom en aansluiting van leerlingen tussen de verschillende onderwijssoorten. Zij trekken daar vanaf 2018 een bedrag oplopend tot 30 miljoen euro in 2025 voor uit. Bij goede loopbaanbegeleiding krijgen jongeren inzicht in hun kwaliteiten, motivatie en interesses en een realistisch beeld van het vervolgonderwijs en het beroepsperspectief, zo schrijven minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker in een brief aan de Tweede Kamer.

Mag niet in rijtje ontbreken
MKB-Nederland vindt dat het regionale arbeidsmarktperspectief in dat rijtje niet mag ontbreken. “Het is goed als jongeren beter weten waar hun kwaliteiten liggen, wat ze leuk vinden en wat een studie en vak inhouden, maar als in dat vak vervolgens nauwelijks werk is te vinden, helpen we hen hier niet veel verder mee”, zegt voorzitter Michaël van Straalen.

Hij pleit verder voor specifieke aandacht en middelen om jongeren met een allochtone achtergrond te interesseren in technische studies. Zij kiezen traditioneel vaker voor economisch-administratieve opleidingen, terwijl het arbeidsmarktperspectief van een aantal opleidingen in deze richting slecht is. In de techniek daarentegen zijn de kansen op werk juist goed.

In 2015 vielen bijna 39.000 (32 procent) eerstejaars studenten uit of wisselden van studie. Dat percentage ligt hoger onder mannen en onder jongeren van allochtone komaf (47 procent).

Nieuws

geplaatst: 29-09-2016

Minder varkens en kippen, meer melkvee


Op 1 april 2016 telde Nederland 12,4 miljoen varkens en 104 miljoen kippen. Dat waren er minder dan een jaar eerder. Het aantal melkkoeien en -geiten is opnieuw gestegen. In 2016 waren er 1,7 miljoen melkkoeien, de melkgeitstapel telde met 346 duizend dieren het hoogste aantal ooit. Dat maakt CBS bekend.

Het aantal varkens daalde in 2016 met bijna 2 procent. Dit jaar waren er bijna6 procent minder biggen, de sterkste daling sinds 2002. In de eerste jaren van de 21e eeuw was een vergelijkbare trend zichtbaar. Toen daalde het aantal biggen ook sterk en kromp de varkensstapel hierop. De inkomsten van veel varkenshouders staan onder druk. Dat is onder andere het gevolg van de boycot van varkens uit de EU die Rusland in 2014 instelde.

Ook de kippenstapel is het laatste jaar geslonken. Het aantal legkippen daalde met1,8 miljoen tot 45,9 miljoen. Verder kromp het aantal vleeskuikens met bijna een miljoen dieren tot 48,2 miljoen.  Het aantal vleeskuiken-ouderdieren steeg voor het vijfde jaar op rij tot 8,7 miljoen kippen. Het aantal ouderdieren in de leghennensector bleef met1,4 miljoen vrijwel gelijk.

Opnieuw meer melkkoeien, recordaantal melkgeiten
Het aantal melkgeiten bereikte in 2016 het recordaantal van 346 duizend, een toename van 19 duizend dieren. Het aantal geiten per bedrijf is de afgelopen jaren toegenomen. In 2000 had een gemiddelde boerderij 120 geiten, in 2016 ruim 700.

Het aantal melk- en kalfkoeien is tussen 1 april 2015 en 1 april 2016 met121 duizend toegenomen tot 1,7 miljoen dieren. De hoeveelheid jongvee daalde licht tot1,3 miljoen dieren. Overigens is het aantal geslachte runderen in de eerste helft van 2016 met ongeveer 12,5 procent gestegen ten opzichte van dezelfde periode in 2015.

Op 1 april 2015 werd het melkquotum afgeschaft. Van mei tot en met augustus 2015 steeg de melkaanvoer, en was in die periode 7 procent hoger dan een jaar eerder. In hetzelfde tijdvak van 2016 is de melkaanvoer op het niveau van 2015 gebleven. 

Bron: CBS / Statline landbouwtelling
 

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Middengroep arbeidsmarkt kwetsbaar: meer bewustzijn maar weinig actie


Werkgevers en werknemers wapenen zich maar mondjesmaat tegen het dreigende banenverlies onder de middengroep op de arbeidsmarkt. Eerder onderzoek van Oxford University wees uit dat circa 47 procent van de banen in de VS bedreigd wordt. In Nederland staan volgens onderzoek van Deloitte mogelijk twee tot drie miljoen banen op de tocht. Het is weliswaar zo dat overheden, werkgevers en werknemers de kwetsbaarheid van deze groep voor ontwikkelingen als robotisering, automatisering en het verplaatsen van banen naar landen waar arbeid goedkoper is, meer en meer onderkennen. Echter, ondanks de urgentie van het probleem wordt er nog te weinig actie ondernomen.

Dit blijkt uit recent onderzoek van het lectoraat Employability van Zuyd Hogeschool onder 158 Limburgse organisaties (Bron: Lectoraat Employability Zuyd / ROA Maastricht University, 2016). Het onderzoek laat zien dat 31% van de organisaties de druk op de middengroep – mensen met een middelbaar inkomen en een modaal salaris – door robotisering, automatisering en het verplaatsen van banen herkent. Echter, 34 procent van de organisaties geeft aan deze tendens niet of nauwelijks te herkennen. Bovendien blijkt uit interviews met HR-professionals en leidinggevenden dat gerichte actie veelal achterwege blijft.

Vroegtijdig sturen
Het beeld wordt bevestigd door recente gesprekken met diverse andere betrokkenen uit uiteenlopende sectoren. Voor het Lectoraat Employabilty is dit reden om de dialoog met betrokken organisaties verder aan te gaan om tot een vermindering van het probleem te komen. “Als je de employability van deze medewerkers wilt vergroten, als je wil werken aan nieuwe competenties en kwalificaties dan moet daar vroegtijdig op gestuurd worden, en niet als het al te laat is”, aldus dr. Jol Stoffers, lector Employability bij Zuyd Hogeschool.

Competenties en vaardigheden
Bedrijven en werknemers hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om zich te wapenen en te werken aan employability. Dat kan onder meer door her-, bij- en omscholing. Stoffers: “Dit alleen is niet zaligmakend, maar niets doen is geen optie. Werknemers doen er goed aan hun competenties en vaardigheden te blijven ontwikkelen. Dit helpt hen om een switch te kunnen maken of om toegevoegde waarde te blijven leveren. Dat is niet eenvoudig, maar wel noodzakelijk. Wat hierbij van belang is, is dat men zich niet alleen bewust wordt van het probleem maar dat men daadwerkelijk actie onderneemt. Dit geldt voor bedrijven én medewerkers.” 

Inauguratie
Op donderdag 22 september spreekt dr. Jol Stoffers in het Mariapark (Hotel Merici, Sittard) zijn inaugurele rede ‘Employability, werkend perspectief voor de middengroep op de arbeidsmarkt’ uit.

Dr. Jol Stoffers (1969) werd in 2015 benoemd tot lector bij Zuyd met de leeropdracht Employability. Daarnaast is hij de programmamanager van de masteropleiding Personal Leadership in Innovation and Change. Sinds 2007 is Jol Stoffers als hoofddocent HRM en als onderzoeker verbonden aan de faculteit Management en Recht van Zuyd. Daarvoor werkte hij meer dan vijftien jaar als senior HRM-adviseur en manager in de recruitment- en verzekeringsbranche.

Jol Stoffers is Research Fellow bij het ROA (Research Centre for Education and the Labour Market) van Maastricht University. Daarnaast is hij verbonden aan de Adjunct Faculty van de UNPAR University in Bandung (Indonesië) en aan de Technical University Ho (Ghana). Jol Stoffers promoveerde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (Institute for Management Research) op een proefschrift met het thema Employability en Innovatief Werkgedrag bij medewerkers uit het midden- en kleinbedrijf. Hij publiceerde zijn onderzoek in diverse internationale peer-reviewed journals, waaronder het Journal of Organisational Change Management, en presenteerde zijn onderzoek o.a. bij de Academy of Management. 
 

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Regiotaxi wordt Valleihopper

Regio FoodValley is vanaf 1 januari 2017 verantwoordelijk voor de regiotaxi in de gezamenlijke gemeenten. Het nieuwe vervoer gaat Valleihopper heten. De Valleihopper biedt klanten openbaar vervoer waar gewoon openbaar vervoer geen oplossing is. 
 
Klanten kunnen straks met de Valleihopper naar dezelfde bestemmingen reizen als met de regiotaxi. Voor de reiziger komt er één onafhankelijk loket waar men telefonisch en digitaal informatie kan krijgen en een rit kan reserveren.
Voor de gemeente Wageningen verzorgt de Valleihopper ook het leerlingenvervoer vanaf 1 januari. De gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude en Scherpenzeel organiseren het leerlingenvervoer vanaf het schooljaar 2017-2018 met de Valleihopper.
 
Prijs per kilometer
De Valleihopper heeft hetzelfde prijsniveau als de regiotaxi. Wel zal de reiziger gaan betalen voor het aantal kilometers dat gereisd is. Bij de huidige regiotaxi gaat het om een prijs per zone. Een prijs per kilometer is een eerlijke manier om een prijs te berekenen en sluit aan bij de wijze waarop binnen het reguliere openbaar vervoer een prijs berekend wordt. In de praktijk zullen hierdoor sommige ritten iets goedkoper kunnen uitvallen en anderen juist iets duurder.
 
Duurzaam
Het vervoer van de Valleihopper is gegund aan drie vervoerders: Munckhof, van Driel en Noot. Het contract is voor drie jaar afgesloten. De Valleihopper wordt een duurzame vervoerder. Alle auto’s van de Valleihopper rijden op groen-gas of zijn elektrisch.
Voorzitter van de regionale bestuurscommissie, wethouder Leon Meijer van de gemeente Ede: “We willen als regio serieus werk maken van duurzaamheid, ook wat betreft vervoer in onze regio. Naast een goede dienstverlening was duurzaamheid daarom een belangrijke gunningsfactor bij de aanbesteding voor de Valleihopper. Ik ben heel blij met het resultaat”.
 
Campagne
Regio FoodValley is nog druk bezig met  de organisatie van het nieuwe vervoer. Eind oktober 2016 start een uitgebreide informatiecampagne. Pashouders ontvangen persoonlijk bericht over de veranderingen. 

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Nederlandse ondernemer en gezin lijdt onder hoge werkdruk

Meer dan de helft van de Nederlandse ondernemers (56%) geeft aan dat ze moeite hebben om het werk ’s avonds uit het hoofd te zetten. Met name de ondernemer van 40+ heeft hier last van. Daarnaast hebben velen het gevoel dat hun leven enkel nog draait om werken (52%). Dit blijkt uit onafhankelijk onderzoek in opdracht van Teamleader naar de tijdbesteding van de Nederlandse ondernemer. Ondernemers zijn niet alleen ’s avonds bezig met het werk: 44 procent piekert zelfs ‘s nachts nog verder.
 
De Nederlandse ondernemer werkt hard. De gemiddelde werkweek beslaat zo’n 54,5 uur en voor 38 procent gaan de werkweken naadloos over in weekenden en andersom. Deze cijfers gaan gepaard met een hoge mentale druk. De drukke werkweken leggen beslag op het privéleven van de ondernemer: 38 procent geeft aan dat zijn of haar werk de oorzaak is van spanningen binnen het gezin. Maar liefst één op de vijf laat weten dat hij het afgelopen jaar een belangrijke privégebeurtenis, zoals een huwelijk of een begrafenis, heeft moeten missen.
 
Sjoerd Göddeke, directeur Teamleader Nederland over de resultaten: “Ondernemen in Nederland is duidelijk geen nine to five job. We kunnen op basis van dit onderzoek gerust concluderen dat de ondernemer leeft voor zijn of haar werk. Ondanks dat de meeste van hen de nadelen van ondernemen, zoals de hoge werkdruk, voor lief zullen nemen, is het belangrijk dat ondernemers hun liefde voor werk niet ten koste laten gaan van zichzelf en hun omgeving. Die oplossing voor een juiste balans zijn uiteenlopend. Voor de één helpt sporten en gezond eten en voor de ander het automatiseren van de workflow. Hoe dan ook, alle ondernemers verdienen een dik compliment voor hun inzet en gedrevenheid.”
 
Oproep
Teamleader wil de resultaten van het Tijdstrijd-onderzoek aangrijpen om vandaag alle hardwerkende ondernemers een digitaal schouderklopje te geven via de hashtag #lekkerbezig. Doe mee op Facebook en Twitter en geef een compliment aan een ondernemer uit jouw netwerk. Ondernemers kunnen benchmark laten uitvoeren op www.detijdstrijd.nl.  

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Investeer in digitalisering, dat levert werk op


Bedrijven en overheden moeten niet voor digitalisering en robotisering weglopen, maar dit juist omarmen. Een nieuw kabinet moet er 600 miljoen euro in investeren, om zo de welvaart én het welzijn in Nederland te vergroten. Het levert namelijk (nieuw) werk op. En voor grote maatschappelijk vraagstukken kan ICT een oplossing bieden. Die boodschap presenteren MKB-Nederland, VNO-NCW en LTO Nederland vandaag in het rapport 'NL Next Level - Investeren in een Digitale Kwantumsprong'.

Samen Nederland vernieuwen
Meer tijd en menselijke aandacht voor patiënten van verpleegkundigen, dankzij de inzet van zorgrobots. Minder verkeersongevallen, minder files en minder CO2-uitstoot, door de inzet van slimme mobiliteit. De zorg, mobiliteit, energie, onderwijs, slimme steden: op veel terreinen waar de overheid een dominante stempel op ons land drukt, blijven dit soort vernieuwingen echter achter. Daarom willen bedrijven samen met de overheid, per  domein, ambitieuze publiek-private versnellingsprojecten opzetten om tot doorbraken te komen waar Nederland in alle opzichten wijzer van wordt.

10 concrete maatregelen
In het wensenlijstje 'Investeren in een Digitale Kwantumsprong', onderdeel van decampagne NL Next Level, pleiten de ondernemersorganisaties voor tien concrete maatregelen. Het zal nog wel twaalf jaar duren voordat in Nederland zelfrijdende auto's door de straten rijden. Maar in één kabinetsperiode is de basis te leggen voor deze grote digitale sprong. 
Het snel opstarten van versnellingsprojecten, op de vijf genoemde terreinen, is één van die maatregelen. Er moet tegelijkertijd een krachtig ministerieel topteam komen, als ook één verantwoordelijke bewindspersoon voor voor e-government. Als vierde moeten Digitale Innovatie Prestatie Contracten (D-IPC) de toepassing op de mkb-werkvloer vergemakkelijken. 
Voor digitale innovatie (startups, topsectoren, smart industry en fintech) moet meer geld worden vrijgemaakt. En onze digitale mainport moet worden versterkt.  Nederland moet cyberweerbaarder gemaakt worden en meer geld naar onderwijs en digitaal talentontwikkeling is eveneens noodzakelijk. Daarbij dienen nationale en Europese regels, die in de weg staan van digitale innovaties, te worden gemoderniseerd. Verder moet de overheid haar data openstellen voor ondernemers, om nieuwe private toepassingen mogelijk te maken. Want open data is de nieuwe grondstof van onze economie.

Digitale vaardigheden voor elk beroep essentieel
Dat er in de toekomst banen door nieuwe technologie verdwijnen, denken ook de ondernemersorganisaties. Maar zij verwachten ook dat er net als bij eerdere grote vernieuwingsgolven nieuwe, andere banen bijkomen. 'Digitale vaardigheden worden voor elk beroep essentieel, of je nu marketeer, arts, accountant of bankmedewerker bent.'
Structurele aandacht in het onderwijs, van basisschool tot mbo, hbo en universiteit, is dus essentieel. Net als investeren in onderzoek en ontwikkeling. 
Voorbeelden van Nederlandse innovaties zijn de Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX), Bluetooth en Wifi. Daar mag Nederland trots op zijn, maar belangrijker is volgens MKB-Nederland, VNO-NCW en LTO Nederland dat er in ons land meer bedrijvigheid ontstaat en blijft.
 

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Holland Food Valley Tasting House komt naar de Food Valley Expo

Na Londen, Barcelona en Chicago biedt het Holland Food Valley Tasting House Nederlandse bedrijven gelegenheid een innovatief product of ingrediënt te laten proeven door de bezoekers op de Food Valley Expo te Arnhem.  Erik te Velthuis, chefkok van het Topsportrestaurant op Papendal en Food Valley NL verzorgen ter plaatse de tastings voor de Nederlandse bedrijven.
 
In 12e editie van de Food Valley Expo staan de nieuwste ontwikkelingen en inzichten op terrein van Green Proteins, Personalized Nutrition, Blockchains in Agfood en Food Quality and Safety centraal. De winnaar van de Food Valley Award, de agrifood innovatieprijs zal bekend worden gemaakt. En de opening van de Dutch Agri Food Week door Martijn van Dam, staatssecretaris van Economische Zaken vindt plaats. Kortom een programma en een beurs vol dynamiek en innovatie voor food professionals van starters tot en met multinationals. In 2015 bezochten ruim 800 bezoekers uit binnen- en buitenland de Food Valley Expo. 20 nationaliteiten brachten een bezoek aan de beurs.
 
Holland Food Valley Tasting House
In het Tasting House, geheel in stijl van een authentiek Hollands grachtenpand, worden door Erik te Velthuis, chefkok van het Topsportrestaurant op Sportcentrum Papendal en Food Valley NL met de keukenapparatuur van Metos Kitchen Intelligence de tastings verzorgd. Voor bedrijven een mooie gelegenheid om het beurspubliek kennis te laten maken met een product, ingrediënt of technologie. Deelnemen is als volgt mogelijk:
 
Tastingpakket 1 | 500 euro, excl btw
Een entreeticket t.w.v. 225 euro, inclusief lunch & drinks
Een statafel en achterwand met daarop het logo van uw bedrijf binnen het tastingpaviljoen
Bereiding en uitserveren tastings*
Omschrijving tasting, bedrijfsnaam, link naar de eigen site in de officiële expo publicaties
Het logo van uw bedrijf wordt getoond in de plenaire zaal
50% korting op een extra entreeticket, inclusief lunch & drinksTastingpakket 2 | 400 euro, excl btw

Een entreeticket t.w.v. 225 euro, inclusief lunch, drinks & bites
Een statafel binnen het tastingpaviljoen
Omschrijving tasting, bedrijfsnaam, link naar de eigen site in de officiële expo publicaties
Bereiding en uitserveren tastings*
Het logo van uw bedrijf wordt getoond in de plenaire zaal
50% korting op een extra entreeticket, inclusief lunch & drinks* Per tastingpakket zal de tasting, hoeveelheid en het uitserveermateriaal worden besproken met Food Valley NL en/of de chefkok. De tastingpakketten zijn inclusief (koel/vries)opslag, exclusief transport.

De Food Valley Expo vindt plaats in Hotel- en Congrescentrum Papendal, te Arnhem op 13 oktober. Voertaal is Engels. Het Holland Food Valley Tasting House is een initiatief van Food Valley NL in nauwe samenwerking met Erik te Velthuis, chefkok en manager van het Topsportrestaurant op Papendal en Metos Kitchen Intelligence. “Metos heeft bij het Topsportrestaurant op Papendal de keuken ingericht met apparatuur. Dat betekent dat je als kok werkt met topkwaliteit. Dit jaar ook op de Food Valley Expo. Ik kijk ernaar uit”, aldus Erik te Velthuis.

 

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Harm Edens presentator Business Event gemeente Ede!

De organisatie heeft niemand minder dan Harm Edens bereid gevonden om de twaalfde editie van het Business Event gemeente Ede te presenteren. De verkiezingsavond vindt plaats op maandag 10 oktober 2016 in de ReeHorst.
 
Harm Edens is tekstschrijver en presentator. Met regelmaat verleent Harm zijn medewerking aan tal van televisieprogramma’s. We kennen hem natuurlijk allemaal van het succesvolle nieuwsprogramma Dit was het nieuws en als gezicht van het 4Daagse Journaal. Daarnaast schreef hij samen met Ger Apeldoorn scripts voor onder andere SamSam, Laat maar zitten en Het Zonnetje in Huis. Momenteel is Harm elke werkdag te zien als presentator van de nieuwe quiz bij de NTR: ‘De Universiteitsstrijd’. De organisatie van het Business Event gemeente Putten is met Harm Edens als presentator verzekerd van kwaliteit. Harm is een enthousiaste en scherpe grappenmaker, betrokken, en altijd met respect.
 
Dit wilt u niet missen!
Zoals eerder vermeld vindt het Event plaats op maandagavond 10 oktober 2016 in de ReeHorst te Ede. Voor meer informatie of voor het aanschaffen van toegangskaarten voor deze avond kunt u terecht op onze website: www.businesseventede.nl via het tabblad kaarten bestellen of u kunt telefonisch contact opnemen met de organisatie Network Business Events via telefoonnummer: 0318-658740.
 
 
 
 

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Jet Verzendt bestaat drie jaar

Jet Verzendt viert deze maand haar driejarig bestaan. In die drie jaar is het bedrijf rap uitgegroeid van een opstartend bedrijf met vier werknemers, naar een succesvolle onderneming met meer dan dertig werknemers. Het begon allemaal met de vraag: ‘Hoe kunnen we het verzenden van pakketten makkelijker maken?’. Inmiddels heeft Jet Verzendt een online platform dat totale logistieke ontzorging biedt voor zowel bedrijven als webwinkels. Door het ontwikkelen van slimme IT applicaties en door scherpe prijsafspraken met vervoerders, biedt Jet Verzendt aan duizenden bedrijven een zorgeloze logistieke afhandeling.
 
Waar volgens het blad ‘De Ondernemer’ slechts één op de tien startende bedrijven erin slaagt om succesvol te zijn, heeft Jet Verzendt vanaf dag één een groeiende lijn te pakken. Dit komt mede door haar flexibele besluitvorming en het snel en effectief reageren op de vraag vanuit de markt. Een bevestiging op de succesformule van Jet Verzendt kwam in 2015, toen het bedrijf de Gazellen Award, de prijs voor snelst groeiende onderneming van het jaar van het Financieel Dagblad, in ontvangst mocht nemen.
 
Jettie van Mourik, CEO en eigenaar van Jet Verzendt, is enthousiast: “Ik ben erg trots op het feit dat we met onze innovatieve verzendsoftware daadwerkelijk wat kunnen betekenen voor webwinkels en bedrijven. Het is gaaf dat we gedurende de startup fase een gezonde, stevige basis hebben gelegd voor ons bedrijf. Dat maakt het mogelijk om nu door te pakken, want we hebben de ambitie om nog verder uit te breiden. Het is bijzonder als je regelmatig benaderd wordt door investeerders met de vraag of er nog ‘groeigeld’ nodig is. Tot nu toe hebben we daar nog geen gebruik van willen maken, maar ik voel me wel vereerd. Het voelt alsof de mogelijkheden oneindig zijn en zo wil ieder bedrijf graag werken!”
 
Jet Verzendt staat voor innovatie en daadkracht. Haar online platform, dat is gekoppeld met enerzijds de grote vervoerders en anderzijds met IT software zoals Magento, Prestashop, Lightspeed en Mijnwebwinkel, vormt de basis. Het bedrijf ontwikkelt steeds nieuwe oplossingen voor de problemen waar bedrijven en webwinkels tegenaan lopen. Zo zijn er onlangs een aantal nieuwe diensten toegevoegd, zoals de Consumentenhelpdesk. Bij deze helpdesk kunnen klanten hun logistieke klantenservice outsourcen en heeft Jet Verzendt direct contact met de consument om vragen over hun zending op te lossen.
 
Voor de toekomst heeft Jet Verzendt de plannen al klaar liggen. Met zo veel succes in Nederland wil het bedrijf zich ook gaan richten op de internationale markt. Met een combinatie van talent, plannen en enthousiasme in huis kan een internationale doorbraak niet lang op zich laten wachten.

Nieuws

geplaatst: 28-09-2016

Het wegvallen van V&D biedt kansen voor andere retailers

In december vorig jaar kwam het bericht dat V&D betalingsproblemen had. Vanaf dat moment is er veel gezegd en geschreven over V&D. Over hoe dit had kunnen gebeuren maar ook over hoe het verder moest met V&D. Uiteindelijk sloot het warenhuis op 15 februari 2016 definitief de deuren. Waarna van eind maart tot in april de overgebleven voorraden in een laatste uitverkoopperiode hun weg vonden naar de consument.

Veel Nederlanders konden zich lange tijd geen winkelcentrum of binnenstad voorstellen zonder V&D. De harde realiteit is echter dat er zo’n 60 ‘gaten’ gevallen zijn in winkelgebieden. Soms al weer ingevuld door tijdelijke retailers, soms nog steeds een donker gat in een iets minder levendige winkelstraat.

Als we het haar klanten vragen, dan blijkt V&D vooral gemist te worden door de oudere generatie. Van alle V&D klanten gaf in februari 56% aan dat ze V&D zullen missen als de winkels uit de winkelstraat verdwijnen. Onder de groep 18-29 jaar ligt dit aandeel op 41%, terwijl onder de V&D klanten van 65 jaar en ouder 65% aangeeft V&D te zullen missen.

De vraag die veel professionals in de sector bezig houdt is wat het effect is van het wegvallen van V&D op de retail. Er is namelijk een behoorlijke potentiële omzet vrijgekomen voor andere fashion retailers. We hebben ons daarom de vraag gesteld wat er nu met de circa 500 miljoen euro gaat gebeuren die V&D klanten jaarlijks bij V&D besteedden aan fashion.

Op dit moment, zo’n 5 maanden na de laatste verkopen bij V&D, kunnen we op basis van GfK cijfers inzicht krijgen in de impact op het koop- en winkelgedrag binnen de markt voor fashion in de eerste drie maanden. Op basis van een analyse*  van deze cijfers beantwoorden we hier een aantal vragen. 

*) Noot: in deze analyse is gekeken naar de ontwikkeling van het koopgedrag op het gebied van fashion in de maanden mei-juni-juli 2016 vergeleken met de maanden mei-juni-juli 2015. Daarbij is gekeken naar het verschil tussen twee groepen: de ex-V&D fashion kopers en alle fashion kopers.

Wat heeft het wegvallen van V&D voor effect gehad op de fashion-uitgaven van V&D klanten? 
Door het faillissement van V&D zijn 10.000 mensen (vaak ook V&D klanten) hun baan kwijtgeraakt. Dit heeft een mogelijk negatief effect op de bestedingen van V&D klanten aan fashion. Uit een eerste analyse van het koopgedrag van de V&D klant blijkt dat deze klant vooral minder stuks is gaan kopen. Terwijl de niet-V&D klanten in dezelfde periode juist iets meer fashion artikelen hebben gekocht. Bovendien zien we dat V&D klanten ook minder vaak zijn gaan kopen. Al met al heeft het faillissement tot gevolg gehad dat een gemiddelde ex-V&D klant minder is gaan uitgeven aan fashion. Op basis daarvan kunnen we concluderen dat er wat minder dan 500 miljoen euro bij andere retailers besteedt gaat worden.

V&D was ‘kampioen in aanbiedingen’: kunnen V&D klanten hun aanbiedingen nu ergens anders scoren? 
Met haar vele acties, en het prijzencircus als hoogtepunt, gingen veel artikelen bij V&D met een prijskorting de deur uit. Vergeleken met de markt was het aandeel artikelen gekocht in de aanbieding 1,5 keer zo hoog. Veel klanten van V&D waren daarmee te typeren als echte ‘koopjesjagers’. De stickeracties waarmee klanten zelf kortingsstickers konden plakken op artikelen werden goed gewaardeerd. En het Prijzencircus was voor veel klanten aanleiding om bij V&D te gaan kopen. 
Aanbod schept echter ook vraag: met het wegvallen van de acties van V&D is het denkbaar dat V&D klanten in de toekomst op een andere manier, en mogelijk met minder prijskorting gaan kopen. 
Analyse van het koopgedrag van de V&D klant in de maanden na sluiting laat zien dat deze groep minder artikelen in de aanbieding gekocht heeft. Bovendien ligt de gemiddelde prijs per artikel onder deze groep klanten iets hoger dan voorheen.

Met het wegvallen van V&D moesten klanten ergens anders hun kleding gaan kopen: zijn ze dit nu (meer) online gaan doen? 
V&D had een sterke positie in de markt voor kleding, maar in de afgelopen jaren liet V&D ook een behoorlijke groei zien in online bestedingen. V&D klanten waren dus ook online shoppers: meer dan 10% van hun fashion aankopen deden zij online. Daarmee lag hun online aandeel echter wel iets lager dan gemiddeld in de markt. 
De vraag is nu of de V&D klant meer online is gaan kopen, om bijvoorbeeld de merkartikelen die voorheen bij V&D werden verkocht nu bij een online speler aan te schaffen. 
Uit onze analyse blijkt dat dit zeker het geval is: het online aandeel in de bestedingen aan fashion van ex-V&D klanten is in de afgelopen 3 maanden met 30% toegenomen. Het wegvallen van V&D heeft daarmee een impuls gegeven aan het online aandeel van de totale fashion markt.

Hoe kunnen fashion retailers profiteren van het wegvallen van V&D? 
De een z’n dood is de ander z’n brood. Dit spreekwoord is zeker van toepassing op het faillissement van V&D. Voor enkele retailers kan het zelfs een redding betekenen: de omstandigheden in de fashionmarkt zijn lastig en extra omzet is zeer welkom. 
Als we kijken naar de sterke categorieën van V&D dan kunnen vooral spelers in de markt voor kindermode en herenmode profiteren. Maar ook op het gebied van damesmode is veel omzet te verdelen. Extra inkomsten genereren uit het wegvallen van V&D kunnen retailers op twee manieren:

1) Klanten die ook bij V&D kochten er toe aanzetten deze producten nu bij hen te kopen
Dit is vooral interessant voor die spelers in de markt waarvan klanten ook (wel eens) bij V&D kochten. Deze mate van overlap is voor elke retailer anders. Daarmee is het voor sommige retailers vanzelfsprekender hiervan te profiteren dan voor anderen. 
GfK kan hiervan een goede analyse maken en een beeld schetsen van de kansen om een deel van de V&D omzet binnen te halen.

2) Nieuwe kopers aantrekken die een alternatief zoeken voor V&D.
Hier liggen kansen voor elke retailer. De eerste successen hierin zijn al geboekt door een aantal retailers die hier met een assortiment schoolspullen op zijn ingespeeld. Trouwe V&D schoolcampus klanten moesten op zoek naar een andere aanbieder van schoolspullen en vonden hiervoor een alternatief bij o.a. Action, HEMA en Bruna. 

Ook voor kinderkleding, herenmode en accessoires zullen V&D klanten een alternatief moeten zoeken. Retailers kunnen hiervan profiteren door het bieden van een passend assortiment en zorgen voor een goede marketing campagne om deze kopers te trekken. De hier beschreven inzichten zijn gebaseerd op een analyse van het koopgedrag van de ex-V&D klant in de eerste maanden na het definitief sluiten van de winkels: mei, juni en juli 2016. Deze maanden waren doorgaans goed voor ruim 20% van de bestedingen aan fashion bij V&D. De belangrijkste periode moet echter nog komen: 45% van de bestedingen aan fashion bij V&D werd gedaan in de laatste 5 maanden van het jaar, waarbij de maand oktober, waarin het Prijzencircus altijd plaatsvond, qua bestedingen de belangrijkste maand van het jaar is. De komende maanden zullen we daarom pas goed kunnen zien hoe de kaarten verder geschud worden en welke retailers uiteindelijk het meest profiteren van het faillissement van V&D.

GfK biedt aan retailers die daarin geïnteresseerd zijn een speciale analyse om inzicht te krijgen in de specifieke kansen die zij hebben om een deel van de fashion-bestedingen van ex-V&D klanten te verwerven. In deze analyse wordt antwoord gegeven op de volgende vragen:

• In welke fashion categorieën was V&D sterk, waar valt de meeste omzet vrij?
• Hoe zag in 2015 de omzetontwikkeling van V&D per maand eruit? In welke maanden waren de fashionbestedingen bij V&D het hoogst? 
• Hoe ziet de groep ex-V&D fashionkopers eruit, zowel qua sociodemografie als koopgedrag?
• Waar is de omzet van V&D naartoe gegaan, welke retailers hebben in de afgelopen maanden geprofiteerd van het faillissement van V&D?


Meer informatie over de mogelijkheden is in bijgaande onderzoeksbeschrijving te vinden. Het betreft een multiclient onderzoek waarin het profiel en het koopgedrag van de V&D fashion kopers op basis van consumenteninformatie is geanalyseerd. Daarbij is gebruik gemaakt van verschillende GfK databronnen, waaronder aankoopdata, het waarderingsonderzoek bovenmode en het kledingstijlenonderzoek is samenwerking met Max Dekker.

Bron: GFK.nl