Jan Jonker: ‘We moeten ervan af dat iedereen voor zichzelf werkt en denk

Magazines | Living Lab-special



Duurzaamheid en circulariteit worden regionaal, nationaal en ook in Europa steeds belangrijkere agendapunten. En dat is ook noodzakelijk, stelt Jan Jonker, professor Duurzaam Ondernemen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Jonker ziet positieve bewegingen binnen de verschillende transities naar een circulaire maatschappij en economie, maar er zijn nog grote stappen te maken. Het is cruciaal om nieuwe business modellen te starten voor de circulaire economie.


Jonker is bedrijfskundige, hoogleraar duurzaam ondernemen gespecialiseerd in nieuwe businessmodellen. Op 1 september sprak hij de nationale Duurzame Troonrede 2020 uit. Ook was Jonker keynote speaker tijdens de digitale Living Lab Day in november. Daar zei hij dat bij toekomstbestendig ondernemen nieuwe businessmodellen onmisbaar zijn. Het doel is om de dominante lineaire economie snel achter ons te laten en om te bouwen naar een circulaire economie.

Zijn we al goed op weg?
“We hebben met z’n allen het concept circulair werken en denken inmiddels verkend. We hebben nu ontdekt dat het een issue is. Het staat geagendeerd op nationale, regionale agenda’s en in Brussel. De grote opgave is hoe we van een dominante lineaire economie met de huidige businessmodellen, fiscaliteit, administratie, afschrijvingstermijnen, overgaan in duurzame en circulaire economie. Dat lukt alleen als we het gaan verankeren in businessmodellen. We hebben een transactiemaatschappij. Alles wat we doen zetten we om in transacties. Overal waar je komt. In die maatschappij hebben we duurzaamheid naar buiten gegooid. Kosten die gemaakt zijn, worden niet in de prijs meegenomen. We moeten starten met die kosten in de prijzen mee te nemen. Dat is één kant van het verhaal. We moeten af van het take-make-waste verhaal. We moeten zo gaan organiseren dat we daarmee kringlopen opzetten. Daarin moeten we dan de waarde van producten, onderdelen en grondstoffen in een kringloop houden. Wanneer je dat goed kunt doen, zet je de wereld op zijn kop.”

U sprak al eens over de logica van waarde veranderen. Wat bedoelt u daarmee?
“Onze huidige logica is een uitknijplogica. We knijpen mensen uit, de grondstoffen en de natuur uit. We vervuilen onze wereld. We betalen niet de reële kosten die we maken. Als we de logica veranderen van ‘ik heb een bedrijfje en alles draait om mijn boekhouding, om mijn winst en verlies’ naar collectief samenwerken, dan is dat al een grote stap. Daarna moeten we kijken hoe we aan collectieve waarde behoud kunnen doen. Daar zitten grote opgaves: logica van waarde creatie en waarde behoud. Dat zijn de sleutelwoorden. Je kunt op twee manieren naar deze huidige tijd kijken. Ten eerste: we praten inmiddels vijf jaar over circulair ondernemen, maar er gebeurt nog steeds niet veel. Ten tweede: het is positief dat we de discussie over een circulaire economie prominent op de agenda hebben staan. Dat geeft hoop. Maar daarmee zijn we er nog niet.”

Hoe kijkt u naar de huidige lineaire economie?
“We zijn materiaal verslaafd, grondstof verslaafd, olie verslaafd. We hebben sinds de jaren zestig een soort beeld ontwikkeld dat alles onbeperkt voorradig is. Vervuiling doet er niet toe, lijkt het. Doordat we dit met zoveel mensen doen zitten we nu in een economie die zich tegen ons keert. Dat maakt het heel lastig. Er zijn bovendien ook nog luid roepende, arrogante mensen die dat nog eens ondersteunen. We hebben door een meneer in Amerika het summum bereikt van dat de waarheid er niet toe doet. Dan gaan we weer boren in Alaska. Lang leven de economie. Het is wegkijken en heel korte termijn denken. Premier Rutte is de proponent dat de markt dit soort kwesties wel oplost. Dat is onzin. De markt lost het niet op. Daar heeft de markt geen interesse in. We zien nu wel bedrijven die al doelen stellen voor 2040 en 2050. Zo van, dan zijn we 65 procent CO2 neutraal. Ik vind het heel moeilijk te begrijpen waar dat vandaan komt. Het is zo ver weg, wie weet dan nog wat er in 2020 is besproken. Je hebt nu Vattenfall met die mooie boodschap: ‘fossielvrij in één generatie’. Dat bekt fantastisch, maar waar staat dat voor? Wat is fossielvrij in één generatie en wat betekent één generatie? De overstap naar een circulaire economie vergt een radicale omslag. Er is inmiddels wel nieuwe wetgeving voor wasmachines met betrekking tot energiebesparing, maar vreemd genoeg niet voor waterbesparing. En waarom plakken we er niet sterren op voor circulariteit? Nu pakken we de thema’s heel versnipperd aan.”



U noemde de coronacrisis een blessing in disguise voor circulair ondernemen. Heeft de coronacrisis een versnellende of vertragende werking bij circulair denken en ook ondernemen?
“Heel veel bedrijven worden nu gesteund omdat ze anders failliet gaan. De vraag is welke bijdrage dat levert aan duurzaamheid. Kijk naar KLM en de rechtszaken van Greenpeace. Ik was eerder dit jaar nog een beetje opgewekt, dat de crisis een moment zou zijn om de koers te verleggen. Er wordt nu weer te vaak teruggekrabbeld. We zijn miljarden euro’s aan het uitgeven om te behouden wat we hadden. Dat levert uiteindelijk niets op en dat is een pijnlijke constatering. We kijken in onze dagelijkse portemonnee in plaats van naar toekomstige verdiensten. En de steun houdt een keer op. Maar ondernemers moeten nu ook niet denken: ik ga in mijn eentje een waterstoftankstation beginnen en dan maar kijken wie zich erbij aansluit. Als je zo’n idee hebt, moet je onder meer in gesprek met een transporteur die wil investeren in waterstofwagens. Er moet van alles op gang komen om een kans van slagen te hebben en dat is meer dan het bouwen van een waterstoftankstation. Je moet een kringloop organiseren met alle oude en nieuwe aandeelhouders en daardoor een systeem starten. We moeten ervan af dat iedereen voor zichzelf werkt en denkt. We moeten samen de handen ineen slaan, sector overstijgend.”

Hoe kijkt u naar de rol van Living Lab Foodvalley op weg naar een circulaire economie?
“Ik ben heel positief over de regionale ontwikkelingen. En het is ook niet alleen kommer en kwel. De Living Labs, zoals in de Foodvalley, maar ook in Friesland en Flevoland, zijn voorbeelden van hoe we ons kunnen organiseren met het bedrijfsleven, onderwijs en overheid. We moeten samen tot nieuwe collectieve businessmodellen komen. Daarin werken we samen aan creatie van collectieve waarde. We moeten eigenlijk leren dat gelijk op grotere schaal gaan doen. En ook sneller dan nu gebeurt. De fase van alle friemel en frunnik pilots is nu echt wel voorbij.”

Wat heeft u als professor aan de Radboud Universiteit gemerkt van hoe jongeren omgaan met de transitie naar een circulaire economie en hoe zij erover denken?
“De belangstelling voor circulair ondernemen en duurzaamheid is enorm toegenomen in de laatste jaren. We hebben nu ook hbo-opleidingen circulaire economie. Er zitten colleges vol met honderden studenten. Ik kom nog vaak oud-studenten tegen die bezig zijn met duurzaamheid. Dat is dus een heel positief teken. Ik hoop dat er de komende jaren nog honderden studenten doorstromen in de maatschappij en elk een kleine impact hebben op de transitie naar een circulaire economie. We hebben hen hard nodig, net als ondernemers in de regio, nodig om een goede organisatiestructuur op te zetten die de weg vrij maakt voor transitie.”
delen:
Algemene voorwaarden | privacy statement